Nieuws

03-04-2012
Voorlopig alleen kleinschalige woningbouw in Bramert-Noord


De gemeente Stein mag in Urmond in het gebied Bramert-Noord woningen bouwen. Dat heeft de Raad van State (RvS) in februari bepaald. Het Graetheidecomité had bezwaar aangetekend tegen het bestemmingsplan, maar de RvS vindt dat de bouwplannen passen in het provinciale en regionale beleid. Er is volgens de RvS wel degelijk behoefte aan nieuwe koopwoningen in de gemeente Stein.

Hoe zat het ook alweer? Het aantal woningen in Beek, Schinnen, Sittard-Geleen en Stein moet niet krimpen maar stabiel blijven, vertaald naar een abc’tje: 1 woning erbij = 1 woning eraf. Tegelijkertijd moet de kwaliteit van de woningvoorraad wel worden aangepast aan de veranderende wensen van de woonconsument. Ziedaar de ‘spelregels’ zoals vastgelegd in de Structuurvisie Wonen. Mede op basis daarvan oordeelde de RvS dat de bouwplannen in het bestemmingsplan Bramert-Noord (Urmond, gemeente Stein) passen in het provinciale en regionale woonbeleid.

Demografische ontwikkelingen
De afgelopen maanden was er discussie over bestemmingsplan Bramert-Noord, waarbij het ging om de vraag of woningbouw op deze locatie nog wel relevant is met het oog op de demografische ontwikkelingen (bevolkingskrimp). De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State deed daarover op 22 februari uitspraak: ja, er is in Stein behoefte aan nieuwe koopwoningen. Waarmee het beroep tegen het bestemmingsplan ongegrond werd verklaard. De Raad is tevens van oordeel dat het bestemmingsplan Bramert-Noord voldoende waarborgen biedt om de aanwezige natuur- en cultuurhistorische elementen te beschermen bij het concreet uitwerken van woningbouw op deze locaties. De tijd van grootschalige nieuwbouwprojecten is inderdaad voorbij, zegt Jack Neilen van de gemeente Stein. Wat niet wil zeggen dat er niet meer gebouwd zal worden. De betonmolens blijven wel degelijk draaien ten behoeve van de woningbouw. “Maar wel op een andere manier dan ‘vroeger’. Ze draaien alleen dáár waar het nog relevant en realistisch is. Met andere woorden: nieuwbouw moet passen binnen de herstructurerings- en transformatieopgave van de woningvoorraad.” Bouwen voor leegstand is wel het laatste dat we in de Westelijke Mijnstreek willen, zegt Neilen. “Er wordt pas gebouwd als er behoefte aan is.” Bijvoorbeeld als straks (nog méér) kenniswerkers in de omgeving van de Chemelot Campus willen wonen in het kader van de uitbouw van het Brainport-programma. Alhoewel de gehele gebiedontwikkeling maximaal 400 woningen omvat, zal de uitwerking worden afgestemd op de geldende woningmarktomstandigheden. In eerste instantie wordt de 1e fase uitgewerkt voor 25 à 30 nieuwbouwwoningen in Bramert-Noord. De gemeente Stein kiest, wat grondaankopen betreft, voor een risicomijdend aankoopbeleid. Dat geldt volgens Neilen ook voor de andere gemeenten in de Westelijke Mijnstreek.

Voorlichting is essentieel
Door de ontstane ophef over Bramert-Noord blijkt maar weer eens dat adequate voorlichting over de woningtransformatie essentieel is, zegt Neilen. “De combinatie van minder kwantiteit en meer/andere kwaliteit van de woningvoorraad leidt ertoe dat we én moeten blijven bouwen én tegelijk moeten slopen. Die boodschap zullen we, nog vaker dan reeds het geval, moeten overbrengen aan onze burgers.”

-  -  -  -

 

05-03-2012
Stein bouwt, binnen herschikking en kwaliteit woningvoorraad


STEIN – Alle pessimistische verhalen over de Limburgse woningmarkt ten spijt, in de gemeente Stein wordt een dezer dagen gestart met de bouw van twee woningbouwprojecten in hartje Stein. Het gaat in totaal om 64 appartementen. De realisatie is in handen van Woningcorporatie Maaskant Wonen.


Ter herinnering: het aanvankelijke appartementencomplex met tien bouwlagen op de hoek Heerstraat-De Halstraat in het centrum van Stein, werd eerder al teruggebracht naar vier bouwlagen. Het aangepaste plan past geheel binnen het huidige bestemmingplan, stelt wethouder Danny Hendrix (Centrumplan Stein). Ook Laurent Claessens, directeur van Maaskant Wonen, kan er zich in vinden, sterker nog, hij noemt het een keuze die ‘nagenoeg alleen maar winnaars kent’. De keuze van ‘tien naar vier bouwlagen’ is mede gemaakt in relatie tot andere bouw- en sloopplannen. Herschikking en kwaliteit van de woningvoorraad, zoals vastgelegd in de Woonmilieuvisie Westelijke Mijnstreek, staat bij alle vier gemeenten hoog op de agenda.
Woningcorporatie Maaskant Wonen start rond deze tijd met de bouw van twee woningbouwprojecten in hartje Stein. Het gaat om 35 appartementen aan de Heerstraat/De Halstraat en 29 levensloopbestendige appartementen aan de Assevedostraat/De Halstraat. Beide projecten zijn in eerste instantie bedoeld voor bewoners van seniorenflat De Stevel. De oplevering staat gepland voor medio 2013. Met de bouw krijgt het eerste deel van het vernieuwde Centrumplan Stein al vorm.

Europese aanbesteding MFC
Nog méér bouwnieuws: Woningcorporatie Maaskant Wonen en de gemeente Stein gaan samen een nieuw Multifunctioneel Centrum (MFC) bouwen. Dit wordt gecombineerd met levensloopbestendige woningen die er bovenop komen. Dit nieuwe complex, als onderdeel van het nieuwe hart van Stein, komt te liggen tegenover de Moutheuvel aan de Heerstraat Centrum. Het MFC het een oppervlakte van zo’n 3000 m2, inclusief opgangen voor de bovengelegen appartementen. Maaskant Wonen gaat hier 54 levensloopbestendige woningen realiseren. In het nieuw te bouwen MFC krijgen de bibliotheek, het zorgloket, een gehoorzaal en diverse multifunctionele ruimten een plek. Ook zal een horecapunt deel uitmaken van dit complex. In december 2011 is de openbare Europese aanbestedingsprocedure voor het aantrekken van een architect voor het nieuw te bouwen MFC in het centrum van Stein gestart. De architect die de opdracht gegund krijgt, zal straks de plannen van Maaskant Wonen en de gemeente Stein vertalen in een ontwerp. Naar verwachting zal in maart/april bekend zijn wie deze opdracht mag uitvoeren. Meer informatie over het centrumplan: www.hartvanstein.nl

-  -  -  -

17-11-2011
RWM praat met Provincie Limburg over sloopopgave


Hoeveel bouwen en hoeveel slopen? Voor wie bouwen en van wie slopen? Wat bouwen en wat slopen? Deze drie vragen staan in de Regio Westelijke Mijnstreek (RWM) hoog op de agenda, zegt projectleider Jack Neilen van de Gemeente Stein. “In onze regio worden ruim 2000 woningen méér gebouwd dan waar de komende tien jaar behoefte aan is.” Het roer moet dus om.
Medio december is er stuurgroepoverleg waarin de portefeuillehouders wonen van de 4 regiogemeenten en de provincie zitting hebben. In dit overleg komt ook het recente persbericht aan de orde waarin gedeputeerde Antoine Janssen stelde dat gemeenten in krimpgebieden, in het uiterste geval, ‘particuliere huizen zouden moeten kunnen onteigenen’. De hamvraag is: wie gaat dat omvangrijk sloopbeleid betalen?


Het aantal woningen in RWM moet niet krimpen maar stabiel blijven. Dat leidt tot een simpel abc’tje: 1 woning erbij = 1 woning eraf. Tegelijkertijd moet de kwaliteit van de woningvoorraad worden aangepast aan de veranderende wensen van de woonconsument. “De combinatie van minder kwantiteit en meer/andere kwaliteit van de woningvoorraad leidt ertoe dat we én moeten blijven bouwen én tegelijk moeten slopen”, zegt Neilen. Dat is een van de vastgestelde uitgangspunten in de zogeheten Structuurvisie Wonen van RWM.
“De vier gemeenten in RWM zijn het eens over wat er de komende tien jaar wél en niet moet gebeuren.” Maar wie gaat de portemonnee(s) trekken bij die gigantische sloopopdracht? Feitelijk iedereen die belang heeft bij een gezonde woningschaarste, waaronder gemeenten en woningcorporaties.

Sloopopdracht van 700 à 800 woningen
In het tv-programma L1-Laat (7 november jl.) ging het over dezelfde thematiek maar dan vertaald naar Parkstad Limburg dat, in tegenstelling tot RWM, een heuse krimpregio is en waar de sloopopdracht vele malen groter is dan in Beek, Schinnen, Sittard-Geleen en Stein.
Neilen: “Maar ook in RWM staan we voor een gigantisch karwei: een sloopopdracht van 700 à 800 woningen de komende tien jaar. Tot nu toe.”
Waar hebben we het dan over, in geld uitgedrukt? “Over minimaal zo’n 200 à 300 miljoen euro.”
Voor de financieringsopgave kijkt de RWM dan ook nadrukkelijk naar alle betrokken partijen.

De RWM Heeft naast de brede interne kennis van de woningmarkt ook externe expertise ingehuurd in de persoon van Piet Eichholtz, een veel geraadpleegd hoogleraar Vastgoedfinanciering aan de Universiteit Maastricht. De regio wil samen met de provincie de vraag beantwoorden wie gaat bijdragen aan die kostbare sloopopdracht? Is het een puur locale of een regionale aangelegenheid, of moet het zelfs op Zuid-Limburgse schaal? Wat betreft het Sloop- en Compensatiefonds Wordt zowel met de publieke en private sector nadrukkelijk overleg gevoerd.

Reactie gedeputeerde Anton Janssen
Gedeputeerde Antoine Janssen (Volkshuisvesting) stelde recent dat het onteigenen van particuliere woningen ‘een uiterste middel’ kan zijn in het geval sloop aan de rand van dorp of stad nodig is om het centrum op peil te houden. Gemeenten in krimpgebieden zouden - in het uiterste geval – particuliere huizen moeten kunnen onteigenen. Ook een regionale bouwstop moet volgens hem mogelijk worden. “Ik pleit voor het opnemen van een krimp-experimenteerartikel in elke nieuwe wetgeving en voor een lex specialis voor krimpgebieden die onorthodoxe maatregelen mogelijk maakt”, zegt Janssen desgevraagd. “Bijvoorbeeld voor de aanpak van de particuliere woningvoorraad.” Wat betreft de financiële opgave blijkt uit de maatschappelijke kostenbatenanalyse (MKBA) Parkstad, dat de opgave om teherstructureren - en daarbij de leefbaarheid en de vastgoedwaarde(ontwikkeling) op peil te houden - ‘te groot is voor de regio’, stelt Janssen. Die opgave moet volgens hem door het Rijk dan ook ’steviger benoemd’ worden, bijvoorbeeld waar het gaat om het terugbrengen van het overschot in de particuliere woningvoorraad. “Additionele middelen zijn noodzakelijk, ondanks positieve punten zoals de herverdeling van het Provinciefonds, waarbij rekening gehouden is met de krimpopgave. Wij [Provincie Limburg, red] onderstrepen de noodzaak om financiële regelingen en bekostigingsstructuren, zoals voor het onderwijs, te herzien, aangezien sterke demografische veranderingen daar om vragen. Daarom heb ik deze punten, samen met mijn collega's van de krimpgebieden in Groningen en Zeeland, middels een brief onlangs onder de aandacht gebracht van het kabinet.”

Gelet op het positieve samenwerkingsproces tussen de Regio Westelijke Mijnstreek en provincie vertrouwen de portefeuillehouders van de gemeenten Beek, Schinnen, Sittard-Geleen en Stein op een constructief overleg met gedeputeerde Janssen in de stuurgroep van december 2011.
Om misverstanden te voorkomen: in de komende pakweg tien jaar wordt in RWM niet alleen gesloopt maar ‘wel degelijk ook gebouwd’, benadrukt Neilen.
De betonmolens blijven wel degelijk draaien ten behoeve van de woningbouw. “Maar wel op een andere manier dan tot nu toe. Ze draaien alleen dáár waar het relevant en realistisch is. Met andere woorden: nieuwbouw moet passen binnen de herstructurerings- en transformatieopgave van de woningvoorraad in de Westelijke Mijnstreek.

-  -  -  -

28-3-2011
Klik hier om de nieuwsbrief van maart 2011 te lezen, welke geheel in het teken staat van de regionale Structuurvisie Wonen.

Nieuwsbrieven Speerpunt Transformatie Woningvoorraad

Klik hier om de 1e Nieuwsbrief - Woonmilieuvisie Westelijke Mijnstreek als PDF te openen
Klik hier om de 2e Nieuwsbrief - Woonmilieuvisie Westelijke Mijnstreek als PDF te openen
Klik hier om de 3e Nieuwsbrief - Woonmilieuvisie Westelijke Mijnstreek als PDF te openen

Vorige pagina

Postbus 18, 6130 AA Sittard • T 046 - 477 88 29